Categorieën
blog Je bent natuurlijk ook

Mien, wat ben je lief (fragment “Je bent natuurlijk ook”)

16-02-2017

Ben weer thuis. Nou ja, thuis: bij mij ouders.

De operatie is achter de rug. Twee littekens rijker en nu afwachten.

Binnen een paar weken krijg ik uitslag.

Wie mij is bij gebleven van vandaag?

De schoonmaakster!

Wat een lief mens. Ze maakte eerste de wachtkamer schoon waar ik zat te wachten en vervolgens zag ik haar in de uitslaapkamer. Ze lachte me bemoedigend toe.

Alsof ze een extra steuntje wilde geven.

Na de operatie was ik braaf naar het toilet geweest en ik had ook gegeten.

Daarmee had ik bewijs geleverd dat ik naar huis mocht.

Toen ik in de rolstoel weg ging, zag ik haar weer. Ik noem haar Mien.

Ze lachte weer naar me en zei op zijn Amsterdams: “Sterkte meid, het ga je goed.”


Fragement uit “Je bent natuurlijk ook”

Categorieën
blog Je bent natuurlijk ook

Over onderkantjes en andere dekmantels

De ochtend na de spoedkeizersnede.

Ik lig nog stijf van de spanning en adrenaline in mijn bed aan de morfine en een katheter. Ik lig in een kamer met 3 lege bedden tegenover me.

Ik voel me echt klote.

Gisteren werd de reguliere controle afspraak – pats boem – een spoedkeizersnede.

Maar goed,  ik lag daar nog in de kleding van mijn zus die wat mee had gegrist uit haar kledingkast. Een te klein T-shirt wat niet lekker zat. Ondergoed hoefde ik niet aan want ik droeg een mooie slip van het ziekenhuis.

Mijn mascara in mijn ooghoeken. Haren ongekamd en door elkaar.

Ongewassen en zweterig naar mijn gevoel.

In de nacht werd ik nog rauw wakker gemaakt of ik even wilde kolven. Geen idee hoe ik het voor elkaar heb gekregen maar er kwam melk uit. Naar mijn gevoel was dat ook het enige wat ik kon doen: mijn kind voeden.

De verpleegkundige kwam na het ontbijt binnen met de mededeling dat ze me wilde wassen.

Dat wilde ik maar al te graag.

Eerst wilde ik het zelf doen maar dat ging niet, Ik kon amper mijn arm optillen, laat staan wassen. Overal trilde ik.

Na wat gewas aan kop en voorpoten, ging ze naar “mijn onderkantje”.

Daar lag ik dan. Ze vroeg of ze mijn onderkantje mocht wassen.

Zelfs in mijn toestand kon ik nog de Latijnse naam van dat onderdeel zeggen. Ik moest zo lachen intern. Sindsdien maken mijn moeder en ik regelmatig grapjes over ons onderkantje.

Lieve collega, je mag het gewoon bij de naam noemen hoor.

Het valt me op dat we soms iets toch moeilijk vinden. Toch een bepaalde schroom voelen om belangrijke zaken bespreekbaar te maken.

Waarom is het zo moeilijk om gewoon poep, plas, seks, penis en vagina te zeggen?

Waarom praten we verdriet liever goed met zalvende woorden, een glaasje water en wat getik op de computer?

Waarom gooien we liever een pilletje er in om onze stemming stabiel te houden dan dat we de beerput eens lekker open gooien?

Waarom mag de rauwheid van het leven niet bestaan?

Het gaat ons soms niet goed. Dat mag.

We mogen als hulpverleners ons daar bewust van zijn.

Onze eigen shit is oké en andermans shit ook.


Fragment uit “Je bent natuurlijk ook…”

Categorieën
Je bent natuurlijk ook

Zuster Cor (fragment uit “Je bent natuurlijk ook …)

“Zuster Cor” zoals ze door de kinderarts werd genoemd. Eigenlijk was ze de baas over de afdeling. Je kreeg geen knikkende knieën als je haar zag maar je had direct ontzag voor haar.

Een dijk van een ervaring en een grote dosis humor (met een Rotterdamse accent). Ze liep vaak met een baby op haar schouder of zoals ze zelf zei: “ik draag ze ook wel eens in mijn zakken als een pakketje kind. Ik heb altijd kleine vriendjes en vriendinnetjes bij me. ”

Ze had grote handen en knokige vingers. Geen handen die je bij kleintjes zou verwachten maar de kindjes straalden rust uit als ze met hen bezig waren. Ze kletste hele verhalen tegen haar vriendjes en vriendinnetjes.

Zuster Cor zorgde regelmatig voor mijn dochter op de high care van de neonatologie afdeling van het streekziekenhuis waar ze lag. Minoes is met 28 weken en 6 dagen met spoed gehaald. Eerst lag ze 2 weken op de NICU en daarna was goed genoeg om naar de high care te gaan.

Zuster Cor zorgde met humor voor haar.

Op een dag mocht ik weer lekker buidelen met haar. Corrie zei heel droog tegen Minoes in couveuse: “Spring je zelf naar je moeder of moet ik je tillen?”

Na die opmerking sloeg Minoes haar handje voor haar ogen. Corrie haakte aan op dat gebaar met de opmerking: “Tja, je denkt ook die gekke Cor met haar ideeën! Ik zal je wel even optillen en bij je moeder leggen.”

Corrie zorgde er ook voor dat de kinderen van mijn zus even op de high care mochten komen kijken naar hun kleine nichtje. Hoe ze het heeft gedaan weet ik niet maar op mijn vraag of ze misschien een uitzondering konden maken, zei ze resoluut: Natuurlijk doe ik dat. Familie zien, is voor iedereen belangrijk.

=

Fragment uit “Je bent natuurlijk ook”. Een boek in wording over zorg en hoe we die in goede gezondheid kunnen blijven geven als hulpverlener. 

Wil je op de hoogte blijven van de ontwikkelingen van dit schrijven? Mail me dan via het contactformulier. Ik zet je dan op de mailinglijst.